8 oktober 2022

Sint Nicasius

HEEZE – Komende zondag om 11.00 uur is een plechtige eucharistieviering op het Nicasiusplekske op Kreijl (bij goed weer, anders in de St. Martinuskerk). Kapelaan zal opgehaald worden door de gilden bij VeRaVe op Kreijl en gezamenlijk zullen zij naar het kapelletje lopen.

Sint Nicasiuskapelletje

Sint Nicasiuskapelletje

Het Nicasiusplekske is een soort bedevaartsoord geworden. Elk jaar wordt daar rond 9 juli een mis in de open lucht gevierd. Nicasius werd in Heeze geboren en was één van de Martelaren van Gorcum.

Het Kapelletje is gebouwd op het gehucht Kreijl. Het is een halfopen bakstenen gebouwtje in gotische stijl met zadeldak werd kort na de Tweede Wereldoorlog op initiatief van de buurtbewoners gebouwd. Architect Gubbels maakte de tekeningen en aannemer Toon van Eert, die in de buurtschap woonde, bouwde de kapel. Het gebouwtje is enkele vierkante meters groot, en huisvest in een nis in de achterwand het borstbeeld van de heilige, waarvoor op een gemetselde verhoging kaarsen kunnen worden opgestoken. Het borstbeeld van de heilige, is afkomstig van een zuil aan de ingang van de voormalige pastorie, die gebouwd werd in 1820-1822. In de zijmuren bevinden zich glas-in-loodraampjes, gemaakt door J. van Leeuwen en Zoon uit Geldrop, met voorstellingen van de wapens van Noord-Brabant en Heeze, de Martinuskerk en landelijke flora en fauna.
Voor de jaarlijkse feestelijkheden wordt een altaar met baldakijn voor het kapelletje opgesteld.

Nicasius werd omstreeks 1522 geboren te Heeze. Nicasius en zijn heeroom Dirk, die secretaris was van paus Adriaan VI, zijn de ‘boegbeelden’ van de geschiedenis van Heeze. Nicasius studeerde theologie in Leuven, mogelijk met een beurs van oom Dirk, en werd priester en minderbroeder. Hij wordt beschreven als een geleerde die standvastig was in het geloof, zich aangetrokken voelde tot de mystiek en strikt leefde naar de gelofte van armoede. In 1572 woonde hij in het minderbroederklooster te Gorinchem, waar hij met een aantal andere geestelijken door de watergeuzen gevangen werd genomen, naar Brielle werd gebracht en op 9 juli werd opgehangen. Nicasius zou een extra losse strop om de hals gekregen hebben, zodat zijn doodsstrijd acht uur duurde. Spoedig werden de 19 geestelijken als martelaren voor het geloof vereerd, eerst in de Zuidelijke, later ook in de Noordelijke Nederlanden.

De achtereenvolgende geestelijken in Heeze zagen de verering van Nicasius het liefste in de parochiekerk. Deken W. van Haaren, die van 1946 tot 1950 pastoor van Heeze was, had een andere kijk op de Nicasiusverering dan zijn voorgangers. Pastoor en kerkbestuur steunden het idee een Nicasiuskapelletje te Kreijl te bouwen uit dankbaarheid voor de bescherming van Heeze tijdens de oorlog en daarna van de militairen in Indië. De bisschop stond in principe niet afwijzend tegenover het voorstel maar verleende uiteindelijk geen vergunning wegens mindere urgentie, waarop de buurtbewoners het heft in eigen hand namen en een kapel bouwden. Op 8 juli 1948 werd het kerkbestuur officieel van het voldongen feit op de hoogte gesteld, waarna de pastoor de volgende dag na het lof in processie met het hele dorp naar de kapel trok en de inwijding verzorgde. Het volgende jaar nam het kerkbestuur de kapel met schulden en baten van de buurt over. Vanaf die tijd werd elk jaar op de zondag na de martelaarsdag een lof op het Nicasiusplekske gehouden met IMG_0167bloemenhulde door de kinderen. De fanfare en de gilden trokken op vanuit het dorp terwijl de priesters en misdienaars zich gereed maakten in een naburige woning. Het pad van dit huis naar het kapelletje was versierd met wit-gele vlaggen; op de grond beeldde Wiel Dohmen met geel zand en verschillende kleuren zaagsel christelijke symbolen uit, zoals het kruis, de monstrans, de kelk en de hostie. Alleen de priester die de monstrans met de hostie droeg, mocht eroverheen lopen. Hij probeerde de voorstellingen te vermijden, want na de plechtigheid wilde iedereen ze bewonderen.
In 1959 werd voor het eerst op 9 juli een mis bij de kapel gehouden, met reliekverering; op de zondag erna was er het gebruikelijke lof. In de loop van de jaren zestig verdween het lof, om plaats te maken voor een jaarlijkse buitenmis, als het weer meewerkt. In 1972 werden ter gelegenheid van het 400e sterfjaar ook een lezing en een tentoonstelling gehouden.

Ook nu nog verzorgd het buurtschap de organisatie. Kapelaan en misdienaars worden op Kreijl opgehaald door de gilden St. Agatha en St. Joris. Ook fanfare Sint Nicasius verleent medewerking. De buurt zorgt voor de versiering, de plaatsing van geel-witte vlaggen en de nodige stoelen. Zij collecteren en zorgen voor koffie na afloop. De kinderen mogen nog steeds een bloemenhulde brengen. De mis begint om 11.00 uur op ’t Plekske. Bij slecht weer wordt de mis in de St. Martinuskerk gehouden.
Elk jaar is het een drukke mis waarbij veel ook oud-Heezenaren de weg terug weten te vinden. Voor een gegarandeerde plaats of een schaduwrijke plek is het advies om uw eigen stoel mee te brengen.

Laat wat van je horen

*